HET VERHAAL VAN RIGTJE, DOOR RIGTJE:

Ik kan nu eenmaal niet de hele dag stilzitten. Ik vind het prettig om hier bezig te zijn. Als ik ’s ochtends de koffie op heb, dan schil ik eerst de aardappels, een hele pan vol. Gisteren aten er dertien mensen mee, dus dan weet je het wel. Daarna dek ik de tafel, omdat we iedere dag om half twaalf soep eten. Ik help om de boel weer af te ruimen en dek voor de hoofdmaaltijd die we om half één krijgen.



Ik vind de dieren van ’t Boerenerf het leukst. Na het warm eten, voer ik de varkens de restjes die over zijn. Ik haal de eieren uit. Daarna loop ik naar de pony’s, iedere dag. Vooral die ene bruine vind ik zo lief. Ze kan je zo lief aankijken als je haar aait. Zo zijn mensen niet, hoor, zo lief en aanhankelijk. Nee, ik weet niet hoe die pony heet. Ik kan dingen niet zo goed onthouden. Ik vind het soms moeilijk om informatie te verwerken.

Ik word dit jaar zeventig jaar en ik ben hier, omdat ik niet zo goed alleen kan zijn. Ik kreeg paniekaanvallen en had vreselijke last van mijn maag. Dan kwam ’s nachts de ambulance voorrijden, omdat ik het zo benauwd had. Maar dat kwam dus niet doordat er iets met mijn lichaam was. Ik raakte in paniek door het alleen zijn.

"Doordat ik hier nu vier dagen per week ben, gaat het op de andere dagen thuis ook beter."

De huisarts zegt dat ik een kleine hersenbeschadiging heb. Daardoor vind ik het soms ook moeilijk de dagen in m’n eentje door te komen. Toen ik nog werkte ging dat prima. Ik heb als koffiedame gewerkt op het belastingkantoor. Later maakte ik de kantoren schoon van het Waterloopkundige Laboratorium. Ik vond het fijn werk, ik kon het goed.

Nu heb ik last van een versleten rug, waardoor ik niet meer kan fietsen. Ik heb suikerziekte en krijg een gehoorapparaat. Als ik ’s avonds alleen thuis ben, dan ben ik moe en dan lig ik lekker op de bank televisie te kijken. Help, mijn man is klusser, dat vind ik een leuk programma, en Hotter than my daughter met Gordon. Daar kunnen we bij ’t Boerenerf over kletsen onder de koffie.

Doordat ik hier nu vier dagen per week ben, gaat het op de andere dagen thuis ook beter. Ik vind het soms nog wel moeilijk. Ik vind het bijvoorbeeld lastig om een hele maaltijd voor mezelf te koken met veel verschillende pannen tegelijk op het vuur. Ik maak wel altijd soep. Op de dagen dat ik thuis ben, eet ik ook om half twaalf soep, net als op ’t Boerenerf.

HET VERHAAL VAN RIGTJE, DOOR TESSA:

Rigtje schilt de aardappels, Rigtje dekt de tafel en Rigtje voert de varkens en de kippen. Ze heeft zo haar vaste taken, en dat werkt prettig. Voor ons en voor haar. Ik kende haar al voor ze bij ons kwam voor de dagbesteding. Toen ik bij een verzorgingshuis in Emmeloord werkte, hielp Rigtje daar als vrijwilliger.



Rigtjes dagen bij ons beginnen om tien uur met een kopje koffie. Ze wordt thuis opgehaald met ons busje, net als de andere cliënten van de dagbesteding. Zelf ben ik hier dan al een paar uur. Ik begin iedere dag om half zeven. De beesten moeten gevoerd en naar buiten. Ik maak lange dagen, ja. Dat doet mijn mede-eigenaar Martien ook. Als je wat wilt, dan gaat het niet vanzelf. Dan moet je hard werken.

Toen ik 28 jaar oud was, heb ik met Martien deze boerderij gekocht. Het werd toen anti-kraak bewoond. Het was voor ons natuurlijk een sprong in het diepe, ook financieel. Dat maakt het soms spannend. Toen we in de zomer van 2007 begonnen, boden we alleen dagbesteding. Het liep meteen aardig. We hadden snel acht cliënten. In december overleden er toen drie in één maand. Dat was heel verdrietig, maar ook schrikken.

Maar Martien en ik waren ervan overtuigd dat er genoeg mensen waren die op een andere manier zorg wilden krijgen. We waren het eens. Ook hij wilde anders werken. Doordat wij nu verantwoordelijk zijn voor veel minder mensen kunnen we meer persoonlijke aandacht geven. Ik ken ze echt, ik weet hoe Rigtje in elkaar steekt en wat ze nodig heeft. Ze doet heel veel werk bij ons. En soms wil ze te veel doen, dan eigent ze zich van alles toe.

Ik zorg er ook voor dat ze ’s middags tussen twee en drie op een stoel gaat zitten. Rust. Dat is belangrijk voor d’r. Dan doet ze een woordzoeker, of ze breit wat. Vaak regel ik ook dat een stagiaire naast haar zit voor een praatje. Dat vindt Rigtje fijn, dan kan ze wat van haar afpraten. Thuis vereenzaamt ze, krijgt ze paniekaanvallen als ze te veel alleen is. Dat is de voornaamste reden dat ze hier is.

"Soms wordt het haar wel eens wat te veel, dan wordt ze onzeker. Ik zie dat op tijd aankomen, juist doordat ik haar goed ken."

Rigtje draait mee in het ritme van de mensen die hier wonen. Dat zijn vooral bejaarden, maar soms ook jonge senioren met alzheimer of andersoortige problemen. Eind 2012 zijn we ook een woonvoorziening geworden. Maximaal tien mensen kunnen er in Emmeloord wonen, en op onze boerderij in Tollebeek is maximaal plek voor acht mensen. Het blijft kleinschalig. Als het te groot wordt, kennen we mensen niet goed genoeg en kunnen we niet de persoonlijk aandacht geven die we willen geven. Mensen hebben dat nu eenmaal nodig.

Rigtje wil niet alleen veel werk doen, ze wil ook alles goed doen. Dan wordt het haar wel eens wat te veel, dan wordt ze onzeker. Ik zie dat op tijd aankomen, juist doordat ik haar goed ken. Soms volstaat dan een flauw grapje. Soms moeten we een moment gaan zitten. Rust, aandacht. Ik kijk Rigtje even goed aan, en dan gaat het weer.